donderdag 19 maart 2015

Het Mediawijsheid Competentiemodel

Mijn persoonlijke zoektocht naar wat mediawijsheid inhoudt, brengt mij bij het Mediawijsheid Competentiemodel. Dit model is gepubliceerd in 2012 en staat op de site Mediawijzer.net.

Ongeveer anderhalf jaar geleden maakte ik onderstaande kennisclip over dit model:


Nu wil ik graag dit model opnieuw kritisch bekijken en onderzoeken op welke manier dit model aansluit bij de definitie van mediawijsheid zoals deze in 2005 door de Raad voor Cultuur is geformuleerd. En wat zijn nu precies het doel en de doelgroep van dit model?

De vierdeling
Wat als eerste opvalt is dat het model een vierdeling hanteert, namelijk de hoofdgroepen Begrip, Gebruik, Communicatie en Strategie. Deze vier hoofdgroepen omvatten tien mediawijsheid competenties en elke hoofdgroep gaat uit van een andere interactie tussen de gebruiker en de media zelf.

Begrip
Met Begrip focust het model zich op het inzicht hebben in media. Het vraagt om een bewuste en kritische houding te hebben. Om (impliciete) boodschappen te doorgronden. Om te beseffen dat überhaupt media gemaakt worden met een bepaald doel en vanuit een bepaald standpunt. Dit is een rechtstreekse link naar de componenten kennis en mentaliteit vanuit de definitie van de Raad voor Cultuur. De rol van de gebruiker lijkt in eerste instantie passief, immers je laat de media op je af komen, maar vraagt vervolgens wel een actieve (mentale) verwerking van de gebruiker!

Gebruik
De hoofdgroep Gebruik richt zich juist op het (pro)actief gebruiken van technologie en verschillende mediaomgevingen. Het vraagt gebruikers om technisch vaardig te zijn én om te weten wanneer je wat het beste kunt gebruiken. Dit sluit direct aan bij het component vaardigheid van de definitie van de Raad voor Cultuur.

Communicatie
De derde hoofdgroep is Communicatie en lijkt in eerste instantie een vergaarbak met drie uiteenlopende competenties. Het gaat van informatievaardigheden, naar zelf media produceren naar het actief gebruiken van sociale media. Toch hebben deze drie competenties een raakvlak, namelijk de continue wisselwerking tussen de gebruiker en de media. Meer nog dan de vorige competenties speelt bij deze hoofdgroep het stuk over risico's een rol, want nu gaat de gebruiker interactief media gebruiken. Maar, net als bij het uitgangspunt van de Raad voor Cultuur, ligt de focus op het positieve: het zelf kunnen bijdragen aan de media!

Strategie
De laatste hoofdgroep, Strategie, vraagt de gebruiker om te reflecteren op het eigen mediagebruik, ten behoeve van de eigen kennis, vaardigheden en mentaliteit. Het stelt de gebruiker in staat om bewuste keuzes te maken. Daarnaast komt met name in deze hoofdgroep één van de doelstellingen van de Raad voor Cultuur terug, namelijk dat burgers kunnen participeren in de maatschappij. Ben je in staat om actief deel te nemen aan onze samenleving?



Uitwerking per competentie
Elk van de tien afzonderlijke competenties is uitgedacht in vijf verschillende niveaus. Daarmee is het mogelijk om jezelf te scoren en in te schatten. Daarnaast legt het mogelijke hiaten bloot of geeft het juist ontwikkelpunten. 

Hieronder een voorbeeld van de eerste competentie: bewust zijn van de medialisering van de samenleving:
  • Niveau 0: Is zich niet bewust van de steeds belangrijker rol van media in veel domeinen van het menselijk bestaan.
  • Niveau 1: Merkt het toenemend gebruik van nieuwe media wel op, maar heeft geen besef van de impact daarvan op de leefwereld van mensen.
  • Niveau 2: Beseft dat de gemedialiseerde samenleving vraagt om nieuwe mediavaardigheden.
  • Niveau 3: Weet de meer evidente effecten van het toenemend mediagebruik op het menselijk bestaan te benoemen, zoals: het feit dat media altijd en overal aanwezig zijn, dat we altijd met elkaar in verbinding staan, dat er steeds meer informatie op ons af komt, etc.
  • Niveau 4: Kan de uiteenlopende effecten van de medialisering op onze bestaanswijze analyseren en vanuit meerdere perspectieven belichten. Verdiept zich daartoe in de nieuwste inzichten en actuele discussies. 
Ben je nu mediawijs als je op alle competenties een maximale score haalt? Ik ben van mening dat dit zeker niet het geval is, zolang je maar bewuste keuzes maakt. Misschien wil je helemaal niet proactief deelnemen aan allerlei sociale media en niemand kan je dwingen om dat te doen. Maar je weet dat het kan en hoe je eventueel hiermee zou kunnen beginnen. 

Dit sluit aan bij het advies van de Raad voor Cultuur dat de term mediawijsheid voor verschillende doelgroepen een verschillende invulling heeft. Je hoeft niet alles te kunnen, te weten, te gebruiken, maar je bent bekwaam om hierin kritisch te blijven nadenken.


Praktisch werkbaar
Het doel achter het Mediawijsheid Competentiemodel is om het begrip mediawijsheid, zoals dat is gedefinieerd door de Raad voor Cultuur, praktisch werkbaar te maken. In het model is de definitie van mediawijsheid kernachtig verwoord: 

Mediawijsheid = de verzameling competenties die je nodig hebt om actief en bewust deel te kunnen nemen aan de mediasamenleving.’ 

Met behulp van dit model en met name de specifieke uitwerking per competentie is het ineens mogelijk om mediawijsheid te onderzoeken en meten. Daarbij helpt het ook bij het inzichtelijk maken van het aanbod van onderwijs op het gebied van mediawijsheid.

Ook helpt deze concrete vertaling leerkrachten of onderwijskundigen om lesmateriaal te kunnen ontwikkelen. Op dit moment is er een specifieke uitwerking voor zowel Pabo-studenten als leerlingen in het primair onderwijs. Echter, dit zijn nog geen kant-en-klare lessen, maar wel een mooi overzicht waarin staat hoe aandacht besteed kan worden aan alle verschillende competenties.

Daarmee is direct ook de doelgroep van dit Mediawijsheid Competentiemodel helder: op dit moment ligt de focus nog erg op het onderwijs, maar binnenkort volgen andere groepen, zoals bibliotheekmedewerkers, ouders en senioren. Dat sluit naadloos aan bij de doelstellingen van de Raad voor Cultuur die stelde dat mediawijsheid breder is dan alleen het onderwijs. Juist alle burgers moeten mediawijs zijn!



Conclusie
Voor mij sluiten de publicatie van de Raad voor Cultuur (zie vorige blogpost) en het Mediawijsheid Competentiemodel naadloos op elkaar aan. Ze versterken elkaar; waar de eerste vooral de grotere context van mediawijsheid helder beschrijft, geeft de tweede een concrete vertaling om mee aan de slag te gaan.

Wat mij opvalt is dat de focus vooral ligt op het (actief) participeren in de gemedialiseerde samenleving maar dat er weinig tot geen aandacht is voor puur de technische instrumentele vaardigheden (wat voor sommigen een belangrijk onderdeel van mediawijsheid is). Mijn volgende stap in dit persoonlijke onderzoek is om diverse vakliteratuur te vergelijken om te kijken welke (nieuwe) aspecten deze belichten.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen